Wikia


OPZ Rekem

Het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum Rekem is een geestelijke gezondheidsinstelling.

Het centrum ontstond in 1809 als bedelaarsgesticht en later heropvoedingscentrum in het Kasteel d'Aspremont-Lynden dat eerder al als militair ziekenhuis had gediend. Wegens plaatsgebrek verhuisde het centrum in 1974 naar de huidige locatie aan de Daalbroekstraat dat al reeds in het bezit was van het centrum sinds de jaren 1850 en fungeerde als landbouwterrein van het gesticht.

Kolonie van RekemEdit

De hoeve op deze locatie werd gebouwd vanaf 1850 en omvatte naast de hoeve zelf een woning, een schuur, stallen en oorspronkelijk nog een kleinere schuur. Het was één van de groter hoeves uit de streek met een groot arsenaal aan landbouwgronden, benodigd voor de voedselverschaffing van het gesticht. Ten tijde van het bedelaarsgesticht en het heropvoedingscentrum functioneerde de kolonie waarschijnlijk in dienst van deze instellingen. Wat de status van de kolonie was in de periode dat het krankzinnigininstituut gevestigd was op het kasteel, is niet bekend. Er werkten een veertigtal patiënten en vijf man personeel. De woning van de landbouwingenieur werd in 1933 op het kadaster geregistreerd. In 1966 wordt de landbouwkolonie officieel aan het Rijksgesticht gehecht. Vanaf 1969 neemt het zorgcentrum er haar intrek na uitbreidingswerken waarvan de eerste steenlegging dateert van 20 november 1967 en in 1974 verhuist het al haar activiteiten naar daar. Vanaf 1991 worden alle landbouwactiviteiten gestopt. De hoeve wordt thans door het zorgcentrum gebruikt als manege en bezoekerscentrum. De villa van de landbouwingenieur staat leeg. Vanaf 2001 worden er ingrijpende nieuwbouwwerkzaamheden uitgevoerd. In 2006 verkrijgt het centrum het statuut van Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum.

BeschrijvingEdit

Oorspronkelijk U-vormige hoeve, later uitgebreid tot een gesloten hoeve. Woonhuis ten westen, schuur ten noorden en stallen ten zuiden, afgesloten door later aangebouwde éénlaagse volumes (vermoedelijk twintigste eeuw) ten oosten. De binnenplaats is toegankelijk via een poort tussen deze twee kleine oostelijke volumes.

Hoeve met bakstenen gebouwen, alle op rechthoekige plattegrond onder pannen zadeldaken (uitgezonderd de oostelijke gebouwen). Het woonhuis heeft een rechthoekige plattegrond met aan de uiteinden een uitsprong van twee traveeën diep. Het centrale gedeelte is opgevat als een dubbelhuis van zeven traveeën en twee bouwlagen. Gevels met verzorgd metselwerk: voegsel uitgespreid met gesneden voegen en rood geschilderde bakstenen, verder zwart geschilderde lagen als imitatie van gesinterde bakstenen. Rechthoekige muuropeningen met gecementeerde hoek- en sluitstenen. De westgevel met dezelfde uitwerking, maar met verschillende aanpassingen en met recentere lagere aanbouw.

De dienstgebouwen (schuur en stallen) hebben een gelijkvormige uitwerking met boogfriezen rustend op hardstenen kraagstenen. Gepikte plint met hardstenen aflijning. Stallen met rechthoekige muuropeningen, vensters met hardstenen onderdorpel en deuren met rechthoekige hardstenen omlijsting. Boven de toegangsdeur in de zuid- en noordgevel laadvenster onder zadeldakje. Het interieur van de stallen heeft bakstenen vloeren en troggewelfjes van ijzeren I-profielen met bakstenen vulling. Gekalkte muren en plafond. Dubbele dwarsschuur van vijf beuken met twee getoogde poorten met hardstenen hoek- en sluitstenen in risalieten. Verder lange lichtgleuven per drie gegroepeerd. Afsluiting aan de straatzijde (oosten) van twee éénlaagse volumes onder plat dak. Gesloten oostgevel met boogfries op hardstenen kraagstenen. Toegang tussen twee pijlers met hardstenen banden en bekroond met een dekplaat en vaas. IJzeren hekken. Westgevel met eenvoudige rechthoekige muuropeningen en uitgewerkte bakstenen fries.

Achter de hoeve een open opslagplaats met lage bakstenen muren onder ijzeren Belgisch spant. Ten zuiden van de hoeve een eenvoudig rechthoekig dienstgebouw (geregistreerd op het kadaster in 1863, maar met een eind negentiende- of begin twintigste-eeuws uitzicht) met achteraan een vervallen begin twintigsteste-eeuwse schuur (geregistreerd op het kadaster in 1907). Witgeschilderde bakstenen villa van de landbouwingenieur uit begin jaren 1930 onder complex pannen schilddak. Rechthoekige muuropeningen met bewaard schrijnwerk en luiken.